Door deze website te gebruiken gaat u akkoord met het gebruik van cookies op de website.

Fans van Alphia

Fans van Alphia

In het kader van het 100 jarig bestaan van de voetbalvereniging Alphia in 2019 interviewde Wil Kamping een aantal Alphianen en maakte hier een mooi verhaal van onder de kop "Fans van Alphia".

Lees hieronder de verhalen van alle geïnterviewde Alphianen:


Rianne van Vliet:

‘Voetballen mag ook gewoon leuk zijn’

Rianne van Vliet is een trouwe fan van Alphia. De linksback van dameselftal  VR-1 is al vanaf haar twaalfde te vinden op de velden van Alphia.

“Bij elkaar opgeteld zit ik 25 jaar bij Alphia. Tussendoor heb ik enkele uitstapjes gemaakt naar andere voetbalclubs. Er is een jaar geweest dat er bij Alphia geen dameselftal was en heb ik een seizoen bij NSV’46 in Noorden gespeeld.

Toen ik op hoog niveau bowlde ben ik even weggeweest omdat de tijden en trainingsavonden niet goed uitkwamen.  Bowlen doe je alleen en voetballen in een elftal  doe je met z’n allen. Dat is heel anders. Kijk, je komt niet voor niets terug naar je oude cluppie.

Ik haak af wanneer presteren op het veld het enige doel is en die druk een lekker potje voetbal in de weg staat. Hier bij Alphia  mag voetballen ook gewoon leuk zijn. Natuurlijk wil je met je team winnen, daar gaan we altijd voor.  Maar ik voetbal ook omdat ik er plezier in heb. Zonder de hoge druk van prestatie  is het hier gemoedelijker maar voor mij niet minder uitdagend. We hebben een leuk team met spelers van alle leeftijden, plus een fijne trainer. Twee keer per week trainen en zaterdag de wedstrijd, de oranje leeuwinnen gaan ervoor.

Niet alleen het spel is voor mij belangrijk, ook de saamhorigheid onder elkaar, zoals elkaar steunen wanneer er iets is.” De fanatieke verdediger doet ook vrijwillig hand- en spandiensten bij Alphia. Ze staat dan achter de bar en helpt in de keuken. “Vorig jaar was ik leider van de F2 waar mijn zoon in speelt. Verder kom ik uit een sportieve familie, mijn vader heeft hier gevoetbald en mijn zus gaat meedoen bij het nieuwe Veterinnen elftal. Ik ga haar zeker aanmoedigen.”  


Yorick Hoogeveen:

‘Pupil van de Week’

Tijdens de thuiswedstrijd Alphia1 - Nieuwkoop1 op zaterdag 3 november, was Yorick Hoogeveen de ‘Pupil van de week.’ Een traditie die bij elke thuiswedstrijd van het eerste. Wordt georganiseerd.  De vlugge voetballer die zijn 2e seizoen speelt bij jeugdelftal JO9-3 was een enthousiaste kandidaat. Het werd een dag vol verrassingen. Meelopen met de selectie, gevolgd door de aftrap op het veld en zomaar in de scheidsrechters kleedkamer komen. Wie wil dat nou niet?

Nadat de hoofdtrainer een tactische bespreking hield in de kleedkamer van de spelers was het tijd om zich om te kleden. In zijn speciale pupilvandeweek- tenue mocht Yorick met spelers van het eerste meelopen naar het veld. Daar ondersteunt de 7-jarige voetballer het elftal met een gelikte aftrap door de bal in het doel te schieten en de score op 1-0 te zetten. De symbolische 1-0 voorsprong maakte diepe indruk, de jonge Alphiaan sprong omhoog als een raket. Vervolgens volgt hij de wedstrijd in de dug-out naast de trainer en wisselspelers. Met een patatje om weer op krachten te komen. 

Het was niet het eerste doelpunt wat Yorick die dag op zijn naam zette. Bij zijn eigen team scoorde hij die dag ook een doelpunt. De pupil genoot met volle teugen. “Alles van deze dag vindt  ik leuk”, vertelt hij.”Vooral de twee keer scoren. Maandag  op school ga ik het  allemaal vertellen aan mijn klasgenootjes en vriendjes.” Als aandenken aan deze dag kreeg Yorick  een fotocertificaat  mee naar huis met daarop zijn favoriete speler Dion Duurham. Uit handen van coach Angelo Leverock ontving Yorick de enige echte pupilvandeweek –voetbal met handtekeningen van alle spelers van het eerste elftal. “Het was supergaaf, maar vind het wel jammer dat ons team vandaag niet heeft gewonnen.” 


Gerard Thomasse:

Een leven lang Alphia’

Een groot deel van zijn leven heeft Gerard Thomasse doorgebracht bij Alphia. De fanatieke Alphiaan is ruim zeventig jaar lid van zijn geliefde vereniging. Op zijn twaalfde, net na de oorlog, ging hij langs de deuren om voetballers te ronselen om een elftal compleet te krijgen. “Bij ons thuis mochten we bij elke vereniging, daar stond wel tegenover dat we ook iets terug moesten doen voor die vereniging. Nou, die raad heb ik serieus genomen”, stelt Thomasse. “Ik was jaren actief als bestuurslid en het keuren van de velden, plus bardiensten achter de bar. Allemaal hand- en spandiensten die ik met veel plezier heb gedaan. Daar hoef ik geen lint je voor”, lacht hij “Ik heb ook gevoetbald in het eerste en zo rond mijn 27e was ik scheidsrechter en gaf toen praktijkgerichte scheidsrechterstraining. Toen ik pas getrouwd was hadden we met alle spelers van het toenmalige eerste elftal een hechte groep. Ik herinner mij dat we op zondagmiddagen met onze gezinnen hele middagen buiten waren. Dat was oud Alphia, een heerlijk tijd om aan terug te denken. We zien elkaar nu nog, en de meesten zijn nog steeds lid. Iedereen is welkom bij Alphia, ik zie nieuwe leden die opgenomen worden door de andere leden, heel bijzonder vind ik dat. Wat wil je, het verenigingsgevoel leeft hier en ‘de teamspirit’ is bij Alphia honderdtien procent. Tijdens het komende jubileum in juni 2019 ben ik er zeker bij, lekker feestvieren met al onze leden.”Het oudste lid van Aphia is nog vaak rond de velden te vinden. “Ik ben trots op mijn voetballende kleinzonen Bas- en Timo Hazenbroek. Bas speelt bij JO19-1 en Timo bij JO17-1. Voor mij is het een traktatie om naar hun spel te kijken. Iedereen mag het weten, deze knapen zijn keigoed!” 


Jos Jacobsen:

‘ik zie Alphia als een soort familie’

Jos Jacobsen komt nog niet zolang bij Alphia. “Ik kom hier pas een jaar of zeven, eigenlijk  ben ik een nieuweling. De vader van mijn vrouw heeft hier jaren gevoetbald en haar zoon   Ryan ook. Automatisch ben ik zo bij Alphia terecht gekomen en ken ik aardig wat mensen”, Persoonlijk zie ik Alphia als een soort familie, die gemoedelijkheid onder elkaar is bijzonder. Stel je eens voor dat het in de maatschappij ook zo zou werken dan zou de samenleving een stuk leuker zijn denk ik.”stelt Jacobsen. “Het gaat bij Alphia niet alleen om voetbal, het gaat om samenhang. Al die mensen die vrijwillig bezig zijn, achter de bar, degene die s’ morgens de toko schoonmaken.  Daar heb ik bewondering voor, die betrokkenheid voor en met elkaar vind ik gewoon geweldig. En neem nou de gedrevenheid van de spelers op het veld. Je kunt voetbal een spelletje noemen of een hobby en dat is ook zo. Maar als ik dan zie hoe fanatiek  mensen zijn, alsof ze de wereldtitel binnen willen halen. Alleen al als je er naar kijkt wordt je enthousiast want het is ook nog een keer jouw club.

Maatschappelijk wil ik mijn steentje bijdragen voor de club want bij een voetbalvereniging gaat nu eenmaal niets vanzelf. Wanneer het jeugdweekend in beeld komt dan komt het luchtkussen niet vanzelf aanwaaien. Ik noem maar een voorbeeld. Alphia is meer dan alleen voetbal. Aan de stamtafel in de kantine is het niet alleen gezellig maar wordt alles wat een mens in zijn leven tegenkomt besproken, ook privé dingen. Praten met elkaar en je hart luchten is voor veel mensen een uitlaatklep. Iedereen is hier gelijk, elk mens doet er toe en betekent iets. Dat is Alphia.”


Jaap Goudkuil & Henk Hart:

‘gezelligste club van Alphen’

Elk zaterdag zijn ze langs de lijn te vinden: Jaap Goudkuil en Henk Hart.  De oude veteranen komen steevast iedere week naar de wedstrijden kijken. In weer en wind bij thuis- en  uitwedstrijden.  Het supportersduo is zogezegd fan van het sociale gebeuren van de gezelligste club van Alphen.

Henk Hart komt ruim dertig jaar bij Alphia. ”Mijn zoon Marcel speelde als kind bij een andere voetbalclub en wilde toen ineens naar Alphia omdat al zijn vriendjes hier speelden. Zodoende ben ik hier aangeland”, lacht de 82-jarige voetbalfan. “En dan ga je ook activiteiten doen voor de club zoals kantinedienst en grensrechter bij het 2e elftal. Het is een sociale vereniging waar niet alles om voetbal draait. In begin van dit jaar is mijn lieve vrouw overleden en daar heeft Alphia even bij stil gestaan. Ik zal niet snel vergeten dat de vlag  op het vereniginggebouw halfstok  hing voor haar. Zo werkt het hier dus. Een gebaar van medeleven in nare tijden is belangrijk. We zijn tenslotte allemaal mens.”

Jaap Goudkuil komt sinds zevenenveertig  jaar bij Alphia.  De 74-jarig oud-voetballer  heeft er als vrijwilliger technische diensten gedraaid, bardienst en is ook grensrechter geweest. “Of Henk en ik vrienden zijn, dat is nogal een vraag.” Ze kijken elkaar eens aan en kwamen toen samen op ‘voetbalkennissen’.  “Wanneer we naar een uitwedstrijd  gaan spreken we hier altijd af”, vertelt Goudkuil.  “We gaan altijd helemaal mee in de flow van de wedstrijd.  Je zou kunnen zeggen dat we langs de lijn vaak ‘mild-critisch' zijn over het spel op de grasmat.  Het is maar een spelletje, maar toch. We kijken uit naar het 100- jarige bestaan van Alphia volgend jaar. Dat hopen Henk en ik uitgebreid mee te kunnen vieren. Want we mogen dan jong van geest zijn, we gaan wel richting elektrische fiets.”


Brett van Oostrum:

‘ kind van de club’

Brett van Oostrum komt vanaf zijn vierde jaar bij Alphia. “Als kind ging ik altijd mee met mijn vader en opa en was ik er iedere zaterdag te vinden” vertelt Brett. “Standaard was ik altijd  buiten met een voetbal bezig en dan is nooit veranderd. Misschien omdat ik geen gamer ben”, vertelt Brett. “Ze noemen mij een ‘kind van de club’. En dat is ook zo, eigenlijk ben ik hier bij Alphia opgegroeid.”

Op de afgelopen nieuwjaarsreceptie is de 15- jarige voetballer gekozen tot vrijwilliger van het jaar.  Je kunt je afvragen wanneer hij niet bij Alphia is. De Alphiaan speelt zelf in zijn eigen team JO15 -1. Verder geeft hij training aan jongens van de leeftijdsgroep onder de 11 jaar en fluit hij verschillende teams. Waaronder de jongens van 13/15 en onder de 17 jaar.  Verder vlagt hij bij het veteranen elftal en haalt met plezier de ballen op bij het eerste.  “Ja, dan ben ik wel zo’n vijf avonden per week bij de club te vinden.  Dat is best vaak maar ik zou het allemaal niet willen missen, want er hangt hier bij Alphia een fijne sfeer. De leiding nemen in het veld zit in mijn systeem, zo ben ik ook aanvoerder in mijn eigen team. Vind het geweldig om met voetbal bezig te zijn hier. Het is heerlijk om samen met de andere spelers in het veld  het balletje te laten rollen tijdens een sportief potje voetbal. Daar gaan we voor. Later wil ik scheidsrechter worden in betaald voetbal. Maar nu blijf ik nog gewoon bij Alpia want hier heb ik het naar mijn zin. Ik heb de beker en daar ben ik blij mee, verder ga ik gewoon door met alles wat ik doe. Alphia is mijn club.”


Fieke Lingting:

‘voel mij hier thuis’

Fieke Linting komt al 49 jaar bij Alphia. Als 16 –jarige ging ze er voetballen. “Ik weet nog dat er toen maar een vrouwenelftal was. Later ben ik met Annie van Achthoven een meisjeselftal gestart”, vertelt Fieke.”Met een Volkswagen Kever haalden we oude kranten op om de club financieel te steunen. Op de plek waar nu de tribune staat was vroeger de kantine. Ik heb wel kantinedienst gedaan en nu ben ik sinds 13 jaar gastvrouw in de bestuurskamer als het eerste thuis speelt. Mijn taak is ondermeer het ontvangen van de tegenpartij, mensen van de pers te woord staan, koffie en een hapje. Ik vind het leuk en doe het graag.  Op vrijdagavond verkoop ik lootjes voor de kaartclub in de kantine.”

Alphia loopt als een rode draad door haar leven. “Ik ontmoette mijn man bij Alphia en daar heb ik mooie herinneringen aan. Gos bestuurde vaak het busje waarmee we naar uitwedstrijden  gingen. Toen zong het hele busje uit volle borst:

‘als we uit gaan spelen,
zit het busje vol
Gos die gaat ons rijden
en hebben we een lol’

Helaas is mijn man Gos in februari 2017 overleden. Na zijn overlijden  vond ik veel steun bij  de club. Even een praatje of een hand op je schouder, voor mij heel waardevol.  Ik voel mij  hier thuis. Er spelen en speelden drie generaties van onze familie bij Alphia. Gos, mijn zoon Marco en kleinzoon Sem Versteeg die in  JO11-4 speelt. Ik sta meestal iedere wedstrijd  van Sem langs de lijn. Mijn zoon Marco wilde als kind bij ARC voetballen vanwege zijn vriendjes.  Maar dat mocht niet van zijn vader want die zei altijd ‘zonder Alphia was jij er ook niet’.  Dat is overigens helemaal goed gekomen want later kwamen zijn vriendjes hier voetballen.”


Jaap Rietveld:

'Alphia is mijn tweede thuis’

Jaap Rietveld heeft een lange geschiedenis bij Alphia. Vanaf 1952 is hij fan. “Ik ben bij elkaar  ruim vijftig jaar lid van Alphia, met een tussenstop van 15 jaar. Laten we zeggen dat mijn lengte een voordeel was om keeper te zijn”, vertelt Rietveld .  ”De eerste keer dat ik keepte was onverwacht en stond ik in het doel in een zwembroek. Ondanks dat, lukte het keepen prima met een stand van 6-1 voor ons team. Daarna mocht ik blijven als keeper. Tot mijn 43ste  jaar heb ik gevoetbald, daarna zat ik 15 jaar in de jeugdcommissie en in 2009 ben ik in de bouwcommissie van het gebouw gekomen.  Nu zitten we alweer 8 jaar hier in dit mooie complex  en verzorg ik samen met een leuk team het onderhoud van het clubgebouw. Timmeren, metselen, schoonmaken. Wat kapot is wordt gerepareerd en wat vuil is schoongemaakt. We zijn hier vier ochtenden per week en als er zaterdagavond een feestje is geweest dan is het vaste prik om zondagmorgen de toko schoon te maken. Dat noemen wij de afterparty.  Het bedienen van de boenmachine zie ik als extra oefening voor de rollator. Kijk, je hoeft het niet alleen te doen, we doen het met elkaar. Iedereen steekt de handen uit de mouwen. De lol die we dan onderling hebben werkt voor mij verslavend.  Ze noemen mij de man met twee rechterhanden. En dat is handig bij allerlei klussen in en rond het gebouw. Het ballenhok bijvoorbeeld is van mijn hand. Of het nou de rechter- of de linkerhand  was weet ik eigenlijk niet meer”, grapt hij.  “Op zaterdag ga ik meestal naar uitwedstrijden en zit ik gezellig aan de bar. Ons team helpt ook mee met voorkomende klussen voor het 100- jarig bestaan in juni. Wij gaan ervoor.”


Ed den Daas:

‘Ik hou van rekenen’

Toen Ed den Daas 8 jaar was ging hij voetballen bij Alphia. “Mijn opa, vader en oom gingen mij voor. Mijn opa was zelfs al lid in de jaren 30. “Alphia is een van de pijlers van mijn leven, hier zitten mijn vrienden en heb ik het naar mijn zin. Die beleving was niet altijd positief. Ik weet nog dat ik als jonge knul moest verkleden in de dameskleedkamer omdat er niet genoeg kleedkamers waren.  Nou, daar heb ik wel een trauma aan over gehouden”, lacht den Daas.

”Ik herinner me het clubblad  ‘De Alphiaan’ dat ik nog heb rondgebracht. Het is anno 2019    niet voor te stellen dat dit blad bij leden door de brievenbus plofte. Ik heb al voetballend een aantal jeugdelftallen doorlopen en op mijn zeventiende werd ik gevraagd voor het eerste. Later ben ik als jeugdtrainer aan de slag gegaan. Zo’n 10 jaar geleden kwam ik via de pr-commisie in het bestuur. Ik wilde iets terug doen voor de vereniging en meewerken aan het sporten van anderen. Als penningmeester  ben ik verantwoordelijk voor alle betalingen binnen de vereniging. Ik hou van rekenen, dat scheelt.  Samen met een team  leiden we de financiën  in goede banen, zoals contributie, sponsoren, nieuwe leden. Ik vind een goede planning aan de voorkant van een club belangrijk want daar kun je sturen en beïnvloeden. Wanneer je bijvoorbeeld vooraf geen barmensen regelt voor achter de bar, heb je aan het eind van de avond geen inkomsten.  Zo werkt het wel. Ook reclame maken voor je club  hoort bij een vereniging”, vindt de rekenmeester. “Zoals het werven van nieuwe leden via facebook. Het leukst vind ik het uitdelen van  de nieuwe trainingstenues aan onze jeugdleden. Al die blije koppies van de kinderen. Dat is the spirit van Alphia.”


Edwin Thomasse:

‘een leven vol voetbal’

Dit jaar is Edwin Thomasse 40 jaar lid van zijn favoriete club. “Ik was 5 jaar toen ik mocht meetrainen en 6 jaar toen ik officieel voetbalde. In die tijd, zo rond 1980, waren er niet veel andere sporten voor een jongen. Mijn vader speelde hier en dan ging ik mee. Je voetbalde dan op een stuk gras naast het veld. Ik kom uit een echte voetbalfamilie,   mijn vader, twee broers en twee zussen hebben bij Alphia gespeeld. Bij ons thuis waren de zaterdagen  gevuld met  voetbal.  Niet alleen op de club maar ook thuis. Nadat we onze wedstrijden gespeeld hadden keken we iedere zaterdagavond de Duitse competitie op televisie met patat en salades. Toen mijn ouders zoveel jaar getrouwd waren kwamen ze me halen van het feest in Driebergen  om te voetballen.  Ons team moest spelen tegen de Sleutels in Leiden, ik weet het nog goed. En daarna werd ik weer teruggebracht naar het feest. Dat is toch niet voor te stellen. Dan is het ook niet gek dat voetbal in mijn genen zit”, lacht Thomasse.

“Nadat ik alle elftallen had doorlopen kwam ik in de selectie. Ik heb lang in het eerste gespeeld, later in het tweede en nu speel ik mijn tweede seizoen bij de veteranen. Alle spelers waar je ooit mee voetbalde die gaan met je mee wanneer je een elftal opschuift. Je groeit een soort met elkaar op en bouwt contacten op voor het leven. In principe kun je overal voetballen maar Alphia is de mooiste club en tegelijk de gezelligste. Ode aan de feestjes in de kantine. Het is helaas een paar keer gebeurd dat ons team het net niet haalde naar de derde klasse of net niet kampioen werd. Nou, dat hakte er in voor mij want ik ben altijd gemotiveerd om te winnen.”


  
Delen

voeg je eigen gadgets toe aan deze pagina!